Schuldsanering verzoek

Wat zijn de toelatingscriteria die gemeenten hanteren bij het toelatingsproces tot een traject om een schuldregeling te treffen? Schuldsanering kunt u aanvragen wanneer u:

  • de schulden niet meer zelf kan regelen (problematische schulden);
  • in de afgelopen 5 jaar heeft u niet bewust schulden gemaakt. Hierbij kunt u denken aan fraude, een misdrijf of onverantwoordelijk gedrag;
  • de afgelopen 10 jaar geen schuldsanering heb aangevraagd en/of heeft gekregen.
  • zelf heeft geprobeerd een oplossing te zoeken voor uw schulden door middel van een schuldhulpverleningstraject, maar dit is mislukt. Voor de aanvraag heeft u hiervoor een verklaring nodig.
  • de verplichtingen nakomen van de Wsnp en uw best doen zo veel mogelijk te verdienen.

minnelijke schuldsanering = een vrijwilliger vorm van de schuldhulpverlening. Bij vrijwillige schuldsanering krijgt u hulp van een schuldhulpverlener. Deze is van de Gemeentelijke Kredietbank (GKB), de sociale dienst of een gespecialiseerd bedrijf. Hij helpt u een minnelijk akkoord te sluiten met uw schuldeiser(s). Dit is een vrijwillige betalingsregeling. Uw schuldeisers hoeven hier niet mee akkoord te gaan. Uw schuldhulpverlener berekent hoeveel u maandelijks kunt aflossen. Na aflossing blijft een bedrag over dat u nodig hebt voor uw levensonderhoud. Dit bedrag ligt iets onder de bijstandsnorm

wettelijke schuldsanering = Wanneer het minnelijke traject niet werkt kunt u via de rechtbank een wettelijke schuldsanering aanvragen. Voor dit komt u alleen in aanmerking als u eerst via schuldhulpverlening heeft geprobeerd uw schulden op te lossen. Al uw inkomsten worden op een aparte rekening gestort en daar worden alle vaste lasten en schulden betaald, het resterende bedrag word gestort op een leefgeldrekening.

Hoe word het verzoek beoordeeld?

De beoordeling van een schuldsaneringverzoek wordt gebaseerd op artikel 288 van de Faillissementswet. De meest voorkomende reden is dat de rechtbank beslist dat de persoon zelf de schuld kan terugbetalen door samen met de Sociale Dienst of Kredietbank een actieplan te maken.

Een verzoek word vaak afgewezen wanneer u volgens de rechtbank niet te goeder trouw uw schulden bent aangegaan, dan wel dat u naar haar oordeel uw verplichtingen in de WSNP niet zult nakomen of zult trachten uw schuldeisers te benadelen.

Zijn er verzachtende omstandigheden?

Aannemelijk bewijs

Een Wsnp-verzoek kan in hoger beroep verder bijvoorbeeld alsnog worden toegewezen indien alsnog voldoende aannemelijk kan worden gemaakt dat de schuldenaar de omstandigheden die bepalend zijn geweest voor het ontstaan of onbetaald laten van zijn schulden (de vraag met betrekking tot de goede trouw), onder controle heeft gekregen. De schuldenaar kan hiertoe bijvoorbeeld een bewijs overleggen waaruit blijkt dat hij inmiddels (maatschappelijke) hulp heeft ontvangen.

Het vinden van een baan.

Indien het de schuldenaar niet lukt om een baan te vinden, kunnen de volgende omstandigheden bijvoorbeeld verzachtend of wellicht disculperend werken: het feit dat de schuldenaar actief solliciteert, ingeschreven staat bij verschillende uitzendbureaus of zijn arbeidscompetenties probeert te ontwikkelen (met behulp van een studie) enzovoorts.

  • Bijvoorbeeld indien sprake is van een boedelachterstand: een garantstelling door derden (door storting van het bedrag op de derdenrekening van de advocaat);
  • In geval van een tussentijdse beëindiging: de korte nog resterende looptijd van de Wsnp;
  • De bereidwilligheid/positieve saneringsgezindheid van de schuldenaar;
  • Een positief advies van overige (schuld)hulpverleners.

Keurt de rechtbank uw verzoek tot wettelijke schuldsanering goed?

Dan stelt de rechtbank een saneringsplan op. Hierin staat het aflossingsbedrag en de duur van het traject. Meestal is dit 3 jaar. Uw schuldeisers zijn verplicht mee te werken aan de schuldsaneringsregeling. De rechtbank benoemt een bewindvoerder die u helpt in deze periode. Hij voert samen met u het beheer over uw vermogen.

De gevolgen van de wettelijke schuldsanering.

  1. De gerechtelijke uitspraak wordt gepubliceerd in de Staatscourant, een dagblad en het online Landelijk Register Schuldsaneringen;
  2. Drie jaar lang rondkomen van ongeveer 90% van het bijstandsniveau;
  3. Geen beheer meer over uw eigen vermogen;
  4. Een bewindvoerder die uw financiën beheert;
  5. Er geldt een postblokkade voor in ieder geval 13 maanden;
  6. U mag geen nieuwe schulden aangaan;
  7. Energie: gas, water, elektriciteit of verwarming, nodig voor eerste levensbehoefte mogen niet worden afgesloten in verband met schulden van vóór de Wsnp of moeten weer aangesloten worden.
  8. In de meeste gevallen bent u na drie jaar van uw schulden af en begint u met een zogenaamde schone lei. Schone lei betekent dat de schulden die aan het einde van de Wsnp nog overblijven door schuldeisers niet meer op u verhaald kunnen worden. Dit geldt alleen indien u het traject goed heeft afgerond.

Aan de hand van uw schuldhulpverlenersplan stelt de gemeente vast welk bedrag u nodig heeft voor uw dagelijkse kosten, dit bedrag word het vrij te laten bedrag genoemd.

  • Het Vrij te laten bedrag mag niet lager zijn dan de beslagvrije voet, dit is ongeveer 90% van de voor u geldende bijstandsnorm.
  • Het vrij te laten bedrag is ongeveer 95 % van de bijstandsnorm als u minder dan 18 uur per week werkt.
  • Het vrij te laten bedrag is ongeveer 100% van de bijstandsnorm als u meer dan 18 uur per week werkt.

Alle inkomsten boven dit bedrag en eventuele vermogensbestanddelen gaan naar de boedelrekening: een speciale rekening onder beheer van de bewindvoerder. Hiervan worden de schuldeisers betaald en een bijdrage voor de bewindvoerder

Geplaatst in S