Dagboek

 

Zo begint u:

Begin een dagboek

  1. Omschrijving: Start een dagboek voor uw gedachten en gevoelens en schrijf hier dagelijks in hoe u, u zich voelt.  Schrijven over emoties kan u helpen de emoties en gevoelens meer onder controle te houden. Het emotie dagboek kan u helpen de gevoelens van de dag te delen, zonder er uitgebreid over te praten. Hoe kunt u dit aanpakken, wat is hiervoor nodig? Om er  achter te komen wat u kunt doen in een bui is het uit proberen van activiteiten, voor, tijdens en na een bui. Door dit regelmatig te doen weet u wat er op een gegeven moment werkt.
    1. Hoe vaak heeft u last van stemmingswisselingen en wat houd dit voor u in? Wat veranderd als u een bui heeft? Ieder persoon heeft last van stemmingswisselingen, maar hoe meer buien u heeft, hoe groter de kans dat er ook andere problematiek is. Door het bijhouden van het schema komt u er achter of u meer dan 3x per week buien heeft. Als dit zo is dat is het advies hulp te gaan zoeken.
    2. Wat zijn de trigger achter de driftbui? Hoe boos word u? Hoe lang duurt een driftbui? De trigger achter de driftbui, hoe vaak komen deze voor in een week? Zijn de triggers van het gedrag of is er iets anders aan de hand waarom uw kind zich zo gedraagt? Als u het een cijfer mocht geven wat zou het dan zijn van 1-5? Waarom dit getal en niet 11 hoger of 1 langer? wat maakt verschil? Wat is ervoor nodig al om het 1 cijfer hoger te laten zijn?
    3. Hoe komt het dat u meer last heeft van stemmingswisselingen? Is er iets gebeurt? Welke invloed heeft dit op uw gedrag, hoe is uw gedrag veranderd?  Wanneer u deze onder controle kan houden, worden stemmingswisselingen minder. Probeer er achter te komen wat de wisselingen veroorzaakt. Door achter de oorzaak te komen van de wisselingen kunt u de wisseling van te voren te stoppen of te verminderen. Het vermijden van plekken of personen is een slecht idee, hierdoor is de kans groot dat u steeds meer plekken gaat vermijden en u steeds minder buiten komt en zo in een sociaal isolement terecht komt.
    4. Gaat u naar een omgeving waar het druk is of waar u veel stress ervaart, probeer u zo goed mogelijk voor te bereiden op de activiteit, bedenk een plan wat u doet als de stress te hoog is, stel u in dat u het op zijn minst even kunt gaan proberen in plaats van het direct te zeggen nee ik ga niet omdat het te druk is. Schrijf na de activiteit op hoe het is gegaan, wat ging er goed, waar bent u blij mee, wat ging minder goed, wat zou u graag anders doen?
    5. Houd voor uw zelf bij wanneer u boos word en wanneer het eigenlijk net iets te ver is gegaan. Probeer antwoorden te vinden op vragen zoals wat was de gebeurtenis op dat moment toen u boos werd? Wat was de druppel? Hoe kunt u deze druppel in de toekomst voorkomen? Door dit voor uzelf duidelijk te hebben wat de punten waren kunt u ze in de toekomst makkelijker voorkomen. De boosheid is al geweest dit kunt u niet meer veranderen, maar zie het als en leermoment voor u zelf. Vraag uzelf eens af: is dit goed voor mij? Antwoord nee? Stop. Is dit goed voor het kind? Antwoord nee? Stop.
  2. Doel: Door het bijhouden van het dagboek krijgt u meer inzicht in de problematiek achter de gevoelens en gedachten en het gene wat u bezig houd waardoor u moeilijker de rust kunt vinden.
  3. Vragen: Hoe waren de emoties vandaag? Van welke had u veel last? Hoe komt dit en wat heeft u er aan gedaan?
  1. De emoties en gevoelens delen
    1. Omschrijving: Maak een overzicht van de gedachten en gevoelens die u wilt bespreken. Maak hiervan een korte samenvatting in de vorm van een verhaal. Controleer of u alle belangrijke punten heeft en oefen dit een paar keer. wees voorbereid op de emotie van de persoon aan wie u dit gaat melden, bedenk hoe de persoon zou reageren.
    2. Doel: Plan een afspraak met voor u belangrijke personen om uw gevoelens en gedachten te bespreken. Zorg voor een rustig moment, waar u de tijd heeft om een gesprek te voeren en emoties en gevoelens gedeeld kunnen worden.
    3. Vragen: Waar wilt u deze gedachten bespreken? Wat maken deze gedachten zo erg? Voor kinderen kan het helpend zijn wanneer een ouder begint met het vertellen over een emotie bij een bepaalde gebeurtenis, hierdoor word het kind geprikkeld de emoties en gevoelens te uiten, dit vergroot de emotionele woordenschat .
  2. Praat over emoties van personages.
    1. Omschrijving: Wanneer u het lastig vind van uit de ik persoon te praten en te praten over uw eigen emoties en gevoelens kunt u een voorbeeld nemen uit een boek of uit een film, zorg ervoor dat de andere persoon weet over wie u het heeft, niet iedereen leest en kijkt hetzelfde.
    2. Doel: Is het aanleren van het uiten van emoties en gevoelens bij een kind. Zet uw kind voor de tv en kijk samen een programma en stel uw kind vragen over de gevoelens, gedrag en emoties van 1 persoon uit het programma. Kijk het gehele programma af en blijf de persoon volgen.
    3. Vragen: Hoe denk je dat de persoon zich voelt? Wat zou er de persoon denken? Is de persoon blij, boos, bang, bedroefd? Wanneer uw kind het antwoord niet juist heeft, vertel uw kind de echte emotie die op dat moment te zien is, zo leert u kind beter de emoties en gevoelens te herkennen.
  3. Emotie-woorden.
    1. Omschrijving: Er zijn 4 soorten emoties, blij, boos, bang en bedroeft of wel de 4b’s.  Neem het 4b en 5g schema over en houd deze voor een week bij.  Welke punten hebben extra aandacht nodig? Welke punten gaat u aanpakken? Kies minimaal 2 punten die u gaat aanpakken, om uw buien te verminderen. Schrijf in een schrift de 4 b en 4 g’s op en uw problematiek erachter.  Begin met het benoemen van de problematiek en daarna de oplossingen die mogelijk zijn. Door bewust met de vragen bezig te gaan en er langer over na te denken hoe het is ontstaan, vind u sneller een oplossing voor het probleem. Hierdoor krijgt u meer inzicht in uw emoties en uw gevoelens achter de emoties. Door de emotie woorden regelmatig te gebruiken word het een gewoonte en kunt u ze sneller herkennen en erkennen en voorkomen dat het het uit loopt tot een bui.
  4. Gevoelens woorden
    1. Omschrijving: De gevoelens worden weergegeven in het 5g schema, gebeurtenis, gedrag, gevoel, gedachten, gevolg. Door deze 5 punten te benoemen bij stress, Wat is er gebeurt? Wat was het gedrag van u? Wat was u gevoel op dat moment? Waar dacht u aan op dat moment? Wat was het gevolg van de stress? kunt achter de oorzaak komen van de stress en een oplossing bedenken hoe u in de toekomst minder stress kunt ervaren als u op dezelfde plek bent.
    2. Doel: Het herkennen en erkennen van gevoel en de oorzaak van het gevoel.
    3. Vragen:  Hoe was uw gevoel vandaag? Heeft u stress ervaren en waar kwam dit door? Waar was u? wanneer gebeurde het? Wat is de oorzaak hiervan? Wat was uw gevoel? Wat was het gevolg van de gedachten en gevoelens?
  5. Aandacht woorden
    1. Omschrijving: Elk signaal kunt op 3 manieren beoordelen namelijk actie, alert en aandacht.  Aandacht staat voor het observeren van het signaal en kijken of het erger word. Alert staat voor observeren en extra letten op bepaalde signalen. Actie is het direct nemen van een actie om klachten te verminderen.
    2. Doel: Is om de Actie Aandacht Alert te herkennen en erkennen
    3. Vragen: Welke aandacht heeft u signaal nodig? Wat maakt het aandacht en geen actie? Wat is het verschil? Welke actie heeft u signaal nodig? Heeft het alleen aandacht nodig en extra observatie? Moet alerter zijn en heeft iets meer actie nodig? Of is het een signaal wat direct actie nodig heeft?
  6. 8. Lichamelijke activiteiten
    1. Omschrijving: Zorg voor voldoende afleiding op een dag en zorg voor voldoende beweging.  Houd het afleidingsschema bij, met hierop activiteiten die u kunt gaan doen wanneer u veel last heeft van angst, stress of paniek. Door op deze momenten uw zinnen te verzetten en actief te gaan bewegen of iets te gaan doen kunt u voor komen dat uw gedachten uw hoofd overnemen en uw in een bui terecht komt. Zorg dagelijks voor voldoende ontspanning bijvoorbeeld door het doen van yoga oefeningen of ademhalingsoefeningen.
    2. Doel: Het voorkomen van een vol hoofd of een overprikkeld hoofd
    3. Vragen: Wat kunt u doen bij stress? wat kunt u doen bij vele gedachten? Welke activiteiten heeft u gepland deze week?

De PTSS coach kan u helpen bij: het begrijpelijk maken van de diagnose, het leren omgaan met de PTSS en de signalen, de naasten en een luistert oor

Wij horen graag uw reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.