Aanpassingsstoornis

Wat is het?

Een aanpassingsstoornis is een emotionele en gedragsmatige signaal dat u oploopt binnen de 3 maanden naar een hevige stress periode. Het word een stoornis als de persoon word beperkt in het dagelijks leven en de stress is veel meer aanwezig dan u naar de gebeurtenis zou mogen verwachten.

Herkennen

  • Een aanpassingsstoornis kunt u oplopen door bijvoorbeeld overlijden, huwelijk, maatschappelijke ontwikkelingen. Bij deze situaties is veel emotionele en psychische stress.
  • Aanpassingsstoornissen komen in acute en chronische vorm voor.
  • Er is een hevigere reactie met veel stress op de rouw, dan normaal
  • Chronische of levensbedreigende somatische aandoening

Aanpassingsstoornissen worden ingedeeld op grond van de meest op de voorgrond tredende symptomen:

  • Angst of gespannenheid – nervositeit, onrust, rusteloosheid; bij kinderen separatieangst.
  • Depressie – hopeloosheid, huilbuien, somberheid.
  • Gecombineerd angstig en depressief.
  • Gedragsproblemen – negeren van normen en regels, onaangepast gedrag; bij kinderen spijbelen, brutaliteiten, vechten, vandalisme.
  • Gecombineerd emotioneel en gedragsgestoord – depressie en/of angst gecombineerd met een gedragsstoornis of onaangepast gedrag.
  • Niet anderszins omschreven – psychosociale stress, lichamelijke klachten, teruggetrokkenheid, verminderde prestaties of concentratieproblemen bij werk of studie.

Risicogroepen en -factoren

  • Voorgeschiedenis met veel stressoren.
  • Kwetsbaarheid (bijvoorbeeld blijkend uit eerdere episode(s) met psychische klachten, recent hoge medische consumptie).
  • Niet mee kunnen komen met de maatschappij (door toenemende complexiteit).
  • Beperkt steunsysteem.
  • Chronische belasting met stressoren leidend tot uitputting.
  • Hoge leeftijd (> 50 jaar).
  • Een verzuimhistorie van meer dan 100 verzuimdagen in de voorgaande twaalf maanden.
  • Belemmerende en op angst gebaseerde overtuigingen die verhinderen dat rollen (werk, sociaal, gezin) weer worden opgepakt.
  • Signalen van vermijding.
  • Een passieve copingstijl.
  • Niet vertrouwen op een spoedige terugkeer naar werk (meer dan drie maanden nodig denken te hebben) of verwachten niet terug te kunnen keren naar werk.
  • Vermoeidheid staat sterk op de voorgrond.

Behandeling

  • Behandeling van een aanpassingsstoornis komt overeen met die van overspanning/burn-out

Gevolgen

Plan